Weersafhankelijke energie is doodlopende weg

Het tij voor uitbouw van weersafhankelijke ‘duurzame’ energieopwekking lijkt te verlopen. Investeerders aarzelen bij nieuwe projecten en de snelle technologische ontwikkelingen zoals kunstmatige intelligentie gaan een historische hoeveelheid energie vergen die niet door de onregelmatige wind en zon kunnen worden geleverd. De overheid wil de afnemende belangstelling vóór zijn en versnelling in de uitbouw van deze vorm van energieopwekking.


Beluister dit artikel
0:00
0:00

Er is haast, overal waar deze weersafhankelijke energievorm ‘met stoom en kokend water’ door de strot van burgers, boeren en andere ondernemers wordt gedrukt.
Nu al stijgen de kosten van elektriciteit snel. En dan moeten er wereldwijd nog triljarden op tafel komen om het percentage ‘duurzame’ energie op te voeren. Het zijn vooral de vaste kosten die stijgen, dat zijn de kosten voor de infrastructuur. Naarmate de verhouding tussen vast en variabele kosten van elektriciteit opschuift naar vast, verdwijnt de prikkel tot energiebesparing. Immers de variabele kosten zijn dan maar een klein deel van de elektriciteitsrekening.

Ondertussen worden landschappen en zeeën voor generaties beschadigd of geheel vernietigd. Veel diersoorten, op land, in de lucht en de zee, zullen dit ondoordachte project niet overleven. Recente berichten melden dat het opruimen van afgeschreven windparken op zee te duur is en dat aangeraden wordt om de torens tot 6 meter onder zeeniveau af te zagen. U weet dat in open zee golven tot 10 meter hoger of lager kunnen reiken. Tot zover de veelgeprezen biodiversiteit.

Het project zal vastlopen. Zoveel is duidelijk. Maar niet nadat er veel onherstelbare schade is aangericht. Het elektriciteitsnet zal steeds verder destabiliseren. De kosten zullen uit de hand lopen en in hogere belastingen en energierekeningen terugkomen. De windsnelheid op de Noordzee en in op land in Duitsland is momenteel de laagste in 50 jaar. Daardoor lopen de energie-opbrengsten, en hiermee verbonden de rendementen op de investeringen, aanzienlijk en mogelijk langdurig terug. “De wind op een hoogte van honderd meter waaide over Duitsland met slechts een gemiddelde van 5,5 m/s, een vijfde minder dan normaal”, schrijft het nieuwskanaal Apollo-News.

Ooit zullen we ontdekken hoeveel wij met deze dwaalweg aan flora en fauna vernietigen. En het klimaat? Het klimaat zal doen wat het altijd al heeft gedaan: veranderen. Soms langzaam, dan weer snel. Planten- en diersoorten zullen lokaal verdwijnen, en nieuwe verschijnen, waarbij het eerste eenvoudiger is om vast te stellen, dan het laatste.

Of het de bedoeling is laat ik maar even in het midden. Maar geconstateerd moet worden dat vooral boeren en vissers, verantwoordelijk voor onze voedselvoorziening, en de kleinere ondernemers hiervan de dupe zullen zijn. De internationaal opererende voedselfabrikanten nemen de rol van de boeren over. Neem ook de elektrificering van het bedrijfswagenpark, de doodsteek voor veel MKB-ers.

Het grotere bedrijfsleven zal het wel overleven, zoals de grote supermarktketens en andere grote concerns in de IT- en dienstensector. Maar de industrie, zoals staal, chemie of de (Duitse) autoindustrie krijgt grote klappen. En daarmee de honderdduizenden die in de talrijke toeleverantiebedrijven werken. De zakken van velen in de duurzaamheidsindustrie worden ondertussen goed gevuld.

Er waait inmiddels een andere wind in de Amerikaanse politiek als het gaat om ‘duurzame’ energie. Algemeen erkend wordt dat het opwekken van stroom door wind en zon noch duurzaam, nog goedkoop is. Dat schrijft de Britse krant Telegraph

Nu willen zowel het Huis van Afgevaardigden als de Senaat af van de onophoudelijke subsidiestroom richting ‘duurzame’ energie. Het Huis wil eind van dit jaar een definitieve punt zetten achter de subsidiëring van deze onrendabele vorm van energie-opwekking. De Senaat is voorzichtiger en geeft voorkeur aan een geleidelijke afbouw van subsidies tot 2036.

De burger zal financieel vastlopen op steeds sneller stijgende energierekeningen, allerlei belastingen en natuurlijk de invoering van de CO2-tax.

De vraag is, wanneer de wal het schip gaat keren.